TBA

plattegrond
Terug naar alle nieuwsberichten
Haarfijn

Haarfijn

22 april 2021

Haarfijn

In 2020 heeft een plafond- en wandbedrijf in een woning een verlaagde plafondconstructie op basis van star afgehangen metalstud profielen aangebracht (C60/27, enkel raster en plaatdragend). De profielen waren om de 800 mm aan de hangers bevestigd. De profielen lagen hart op hart 400 mm uit elkaar. Haaks tegen de onderzijde van de profielen waren stucplaten (400 bij 2000 mm) met schroeven bevestigd. Hier waren 3 schroeven (hart op hart 200 mm) toegepast per stucplaatbreedte. Na de realisatie van de plafonds had een stukadoorsbedrijf de stucplaatplafonds voorzien van een gestukadoorde afwerking. Zij hadden van 50 mm brede stroken zelfklevend wapeningsweefsel op de langs- en kopse stucplaatnaden en een gipsgebonden pleisterlaag aangebracht. Het oppervlak van deze gipslaag werd glad afgepleisterd, zodat hierop een watergedragen muurverfsysteem kon worden aangebracht. Na enige tijd ontstonden aan het oppervlak van verschillende plafonds fijne rechtlijnige scheurtjes en aftekening van stucplaatnaden. Het plafond- en wandbedrijf stond voor een raadsel. Ze besloten om Technisch Bureau Afbouw in te schakelen om een onderzoek uit te voeren naar de impact en oorzaak van de schade.

“Om een goed beeld te krijgen van de schade heb ik alle kamers onderzocht”, vertelt Ed van der Plas, onze stukadoorexpert. “Aan het oppervlak van de geschilderde gestukadoorde plafondafwerking in de slaapkamer kwam ongeveer in het midden een zeer fijne rechtlijnige scheur voor. De scheur bevatte geen in hoogte wisselende randen en lag in de richting van een langsnaad tussen twee stucplaten. De scheurwijdte was 0,05 mm. Bij openingen van spots of luidspeakers werd de laagdikte van het gipsgebonden stucwerk gemeten. Deze laag was overwegend 3 mm dik. Vanuit deze openingen werd tevens geconstateerd dat de metal studprofielen hart op hart 400 mm liggen en om de 200 mm waren geschroefd. De stucplaten lagen haaks op de profielen. Aan de bovenzijde van de stucplaten waren geen randen gipsmortel op de langsnaden zichtbaar.


De woonkamer had een breedte van 15 meter. Aan het oppervlak van dit plafond was in het middengedeelte op enkele plekken een zeer fijne rechtlijnige scheur zichtbaar. Onder invloed van direct strijklichteffect van een bouwlamp en zaklamp waren om de hart op hart 400 mm (de langsnaden tussen de stucplaten) aan het oppervlak van de geschilderde gestukadoorde afwerking aftekeningen van rechtlijnige lijnen zichtbaar. Hier was echter de stuclaag niet gescheurd. Verder viel het op dat er ter plaatse van de doorgangen naar de voorkamer en entree geen dilataties in de plafondconstructie voorkwamen. Bij het indicatief nameten van de vlakheid met een rei van 1 meter lengte bleekt dat plaatselijk aan het plafondoppervlak lichte golvingen aanwezig waren. Hier waren over een meetafstand van 1 meter plaatselijk gapingen of bulten tot 1 á 2 mm aanwezig.

De oorzaak van de schade was een combinatie van verschillende factoren:

  • De woning is volgens mededeling vanuit de ruwbouwfase behoorlijk vochtig geweest. Dit vocht dringt in de bouwconstructie en zal op het moment dat de luchtvochtigheid laag is en de temperatuur hoger trachten te verdampen aan de omgevende lucht. Bij dit drogingsproces (zeker bij geforceerde droging) zullen bouwmaterialen overtollig vocht snel kwijtraken hetgeen bij verschillende typen bouwmaterialen zoals beton, hout, stucplaten, een krimp- en/of werkingsgedrag kan veroorzaken. Dit kan leiden tot het ontstaan en zichtbaar worden van scheurtjes aan het oppervlak van deze materialen of een afwerklaag die hierop is aangebracht.

  • Vanuit de TBA richtlijn 1.1 (Gipsgebonden plafondstucwerk op stijve pleisterdraagconstructies bestaande uit houten of metalen regelwerk met stucplaten, https://www.tbafbouw.nl/publicaties/publicatie/TBA-richtlijn-1.1 ) dienen de stucplaten met 4 schroeven per stucplaatbreedte te worden bevestigd. Tevens dienen de stucplaten op de langsnaden een openstaande naad te bevatten van 5 tot maximaal 8 mm en dienen deze voegen op de juiste wijze met de juiste gips te worden voorgezet zodat alle stucplaten aan elkaar worden gekoppeld c.q. verlijmd. In deze situatie is dit niet gebeurt, liggen de stucplaat langsnaden zeer dicht tegen elkaar en is er geen gips door de voeg heen gedrukt. Tevens is de toegepaste gipsgebonden stuclaag op de stucplaten met de meermalen gemeten 3 mm laagdikte. Dit moet minimaal 10 mm zijn. Op de naden tussen de stucplaten is zelfklevend 50 mm breed wapeningsweefsel geplakt. Dit type wapeningsweefsel belemmert het doordrukken van de gips door de naden heen,  met als gevolg een onvoldoende sterkteontwikkeling van de gestukadoorde plafondconstructie. De toegepaste stuclaag is wel, voor zover als zichtbaar en op basis van de informatie van de betrokken schilder, die de naden heeft afgekit, langs de randen van de plafonds ingesneden zodat ontlading van spanningsgedrag (drogingskrimp e.d.) vanuit de plafonds over het gehele oppervlak gelijkmatig kan worden afgebouwd.

  • Vanuit deze TBA richtlijn 1.1 en de technische documentatie van leveranciers wordt aangegeven dat de maximale lengte van dit type plafonds 15 meter mag bedragen en dat er ter plaatse van smallere doorgangen naar andere plafondvlakken hierbij een dilatatie gemaakt moet worden. In het woonkamerplafond is richting de voorkamer en entree geen dilatatie aanwezig. Dit kan het ontstaan en afbouwen van een spanningsgedrag negatief beïnvloeden en scheurvorming tot gevolg hebben.

  • De hart op hart afstand van de starre afhanging is 800 mm in plaats van de maximaal toegestane 750 mm.

  • De profielen lagen hart op hart 400 mm uit elkaar. Haaks tegen de onderzijde van de profielen waren stucplaten (400 bij 2000 mm) met schroeven bevestigd. Hier waren 3 schroeven (hart op hart 200 mm) toegepast per stucplaatbreedte. Dit moeten 4 schroeven zijn per stucplaatbreedte.


Gelukkig was herstel goed mogelijk. Als eerste moesten de reeds aanwezige scheuren smal en diep worden opengekrabd. Daarna moesten de scheuren na reiniging en stofvrij maken dichtgezet worden met een voeggips (volgens verwerkingsadvies van de leverancier). Na verharding van de scheuren moesten de plafonds worden voorzien van een renovatievlies afwerking die vol en zat werd verlijmd tegen het bestaande plafondoppervlak. Hierna moesten de plafonds opnieuw worden voorzien van het verfsysteem. In eerste instantie was het verstandig deze herstelmethode op 1 plafond bijvoorbeeld in de slaapkamer als referentie uit te voeren ter beoordeling van de technische- en esthetische kwaliteit.”

Heeft u schade en wilt u graag de oorzaak achterhalen? Bel dan 070 33 66 500 of mail naar info@tbafbouw.nl. Wij helpen u verder.

Kijk op www.tbafbouw.nl/diensten voor onze diensten.

Andere nieuwsberichten

nee, bedankt
Download TBA App! Download de TBA App
beschikbaar voor
MOBIEL en TABLET
Play Store  of  Apple Store