070 33 66 500 info@tbafbouw.nl

In een nieuw gebouwde villa werd na oplevering schade geconstateerd aan de travertinvloeren. Op meerdere plekken waren uitkomende vullingen zichtbaar, kleine gaatjes in het oppervlak en duidelijke verschillen in kleur en glans. Daarnaast werd de douchevloer als glad en onveilig ervaren. Het Technisch Bureau Afbouw (TBA) werd gevraagd om de vloer te beoordelen en inzicht te geven in de oorzaak van de waargenomen verschijnselen en de mogelijkheden voor herstel.

De vloer bestond uit grote travertin vloerplaten, verlijmd op een zwevend uitgevoerde vloerconstructie. De platen varieerden in formaat en zaagrichting (cross-cut en vein-cut). De natuursteen was vooraf gestopt en gezoet afgewerkt en na plaatsing geïmpregneerd.

Stroefheid in de badkamer

De afwerking van de douchevloer bleek gelijk te zijn aan die van de overige vloeren in de woning. Tijdens het onderzoek werd vastgesteld dat de vloer in natte toestand glad aanvoelde, met name bij gebruik van zeep. Dit effect werd versterkt door de waterafstotende beschermlaag in combinatie met het geringe afschot van de vloer, waardoor water op het oppervlak bleef liggen.

Daarbij werd vastgesteld dat er geen wettelijke stroefheidseisen gelden voor badkamers of douches in woningen. Normen zoals NEN 7909 waren niet contractueel vastgelegd en bovendien bedoeld voor openbare ruimten. Metingen werden daarom niet als toegevoegde waarde beschouwd ten opzichte van de praktijkervaring van de gebruikers.

Het verwijderen van de beschermlaag werd afgeraden vanwege hygiënische risico’s. Als mogelijke verbetering werd het aanbrengen van ondiepe inzagingen in de vloer richting de douchegoot genoemd, om waterafvoer en antislipwerking te verbeteren.

Uitkomende en scheurende vullingen

Travertin is een natuursteen met open poriën, ontstaan door natuurlijke insluitingen in het gesteente. Deze poriën worden bij toepassing binnenshuis doorgaans gevuld (gestopt) om het oppervlak beter reinigbaar te maken. In deze vloer werden op diverse plekken losgeraakte, gescheurde en gebroken stopsels aangetroffen.

De schade kwam met name voor op de begane grond, waar de gebruiksbelasting hoger was. Grotere poriën, vooral in vein-cut gezaagde platen, bleken gevoeliger voor schade dan kleinere poriën. De bevindingen wezen op een onvoldoende duurzame hechting van het stopsel, waarschijnlijk veroorzaakt door factoren tijdens de productie, zoals restvocht in de steen, luchtinsluiting of krimp van kunsthars.

Plaatselijk herstel van individuele stopplekken werd niet als zinvol beschouwd, omdat de kans groot werd geacht dat andere vullingen op korte termijn eveneens zouden losraken. Duurzaam herstel was alleen mogelijk door het oppervlak integraal te bewerken: licht afslijpen, alle poriën opnieuw vullen – bij voorkeur met een cementair stopsel – en de vloer opnieuw schuren tot het gewenste glansniveau. Dit werd aangemerkt als een ingrijpende ingreep met grote impact op de woning.

Kleur- en glansverschillen

Bij beoordeling onder daglicht en vanaf normale kijkhoogte werden duidelijke glansverschillen waargenomen tussen verschillende vloerplaten. Deze verschillen werden versterkt door strijklicht vanuit de grote gevelpuien. Met name tussen cross-cut en vein-cut gezaagde platen bleek het glansniveau ongelijk.

De verschillen werden toegeschreven aan variaties in het productieproces, zoals gebruikte schuurschijven, druk en schuurtijd. Ook het toegepaste kunsthars stopsel vertoonde een hogere glans dan de travertin zelf, waardoor grotere stopplekken extra opvielen. Daarnaast vertoonden sommige delen van de steen juist een doffer uiterlijk door verschillen in minerale samenstelling.

Een egale glansgraad kon uitsluitend worden bereikt door de volledige vloer in het werk opnieuw te schuren en te zoeten. Plaatselijk bijwerken werd als praktisch onuitvoerbaar beoordeeld.

Kleine gaten in het oppervlak

Op meerdere plekken werden kleine gaatjes waargenomen, variërend van speldenknopjes tot grotere openingen. Deze waren bij oplevering al aanwezig, maar tekenden zich na verloop van tijd sterker af door vervuiling. Met name bij langdurig gebruik werden deze plekken donker zichtbaar.

Het volledig vullen van de kleinste poriën werd technisch niet mogelijk geacht. Wel werd vastgesteld dat regelmatig reinigen met zeep- of washoudende onderhoudsproducten kon helpen om vervuiling in deze poriën te beperken en het uiterlijk van de vloer te stabiliseren.

Conclusie

De waargenomen verschijnselen – gladheid in natte zones, uitkomende stopsels, glansverschillen en kleine gaatjes – bleken grotendeels samen te hangen met materiaal- en productiekenmerken van travertin, in combinatie met gebruik, lichtinval en onderhoud. Er werd geen sprake geacht van een constructief gebrek.

Herstel was technisch mogelijk, maar ingrijpend en kostbaar. In veel gevallen werd het afwegen van esthetische acceptatie, aangepast onderhoud en selectief herstel als een realistischer keuze beschouwd dan volledige renovatie.

Kijk voor meer informatie over onze diensten op www.tbafbouw.nl/diensten.

Download de gratis TBA-app!